Tagarchief: Blauw

Digiblauw

Op weg naar mijn wekelijkse drankje met mijn vrienden, kom ik Dirrek nog even tegen. Dirrek is een vluchteling jongetje die inmiddels al een paar jaar bij ons in de buurt vertoeft en heeft al aardig het bedelen onder de knieen. De laatste tijd is zijn hulp aan ons aardig uitgebreid. Voor slechts een habbekrats doet hij boodschapjes waar we zelf eigenlijk geen zin in hebben. Vorige week, toen ik samen met mijn drinkmaatje op weg was naar het wekelijks gebeuren, werd Dirrek voor slechts 20 cent extra om een pakje sigaretten gestuurd. Hoe hij het doet weet ik niet, maar hij komt strak 5 minuten later met het beoogde merk aangelopen. Persoonlijk zou ik niet de winkelier willen zijn die dit verkoopt aan jochies zoals Dirrek. Grote kans dat de winkelier ook helemaal niet bestaat.

Dirrek liep met een envelop die we allemaal zo goed kennen. Die blauwe kleur waar iedereen wel eens mee te maken heeft gehad. Ik vroeg me af hoe hij in hemelsnaam aan die envelop kwam. Toen ik hem even mocht vasthouden, las ik een adres dat zeker 250 kilometer verder is dan waar ik me op dat moment bevond. Gezien Dirrek nauwelijks Nederlands praat is het moeilijk te achterhalen hoe hij aan de envelop kwam. Het is maar goed dat de orde van de blauwe brigade voornemens is om de envelop af te schaffen dacht ik nog. Bezorgfouten worden daarmee voorkomen om maar te zwijgen over de situatie dat jochies als Dirrek er uiteindelijk mee aan de haal gaan. De blauwe brief bevat doorgaans gevoellige informatie die we niet graag zo maar op straat willen zien liggen.

imageMaar is het wel zo’n goed idee, laat staan is de dienst er wel klaar voor? De drang naar digitalisering bij deze staatskasvullers is inmiddels zo hoog dat de ombudsman er vraagtekens bij plaatst. Het keer op keer uitleg moeten geven als er weer iets aan de hand is, breekt alle records met als hoogtepunt de wisseling tussen Weekers en Wiebes afgelopen februari. Maar de stroom aan klachten, fouten aanslagen en niet te vergeten het nieuwe belastingplan wat maar niet wil aarden, wekt niet echt de indruk dat alles onder controle is. En nu willen ze de blauwe envelop afschaffen.

Of iedereen in de bevolking daar nu klaar voor is weet ik niet. Persoonlijk ondersteun ik een aardig groepje digibeten die toch zonodig op het internet alles moeten doen. Het vernietigende spoor van digitale DNA dat wordt achtergelaten is met geen pen te beschrijven. Vaak is het uithuilen en opnieuw beginnen waarbij ik ze dan aan een nieuwe web identiteit help waarna ze vervolgens weer dezelfde toeren uithalen alle waarschuwingen ten spijt. Maar daarnaast heeft de envelop dankzij zijn kleur toch ook een speciaal karakter. De emotionele waarde wordt naar mijn idee sterk onderschat.

imageHoe vaak is het u niet overkomen dat je de gang in loopt of de postbus opent en je oog direct op het blauwe gevalletje valt. Je hart gaat er sneller van kloppen, je ademhaling een versnelling hoger. Het creëert een vorm van een spanning in een zeer korte tijd. Wat is het? Krijg ik een aanslag of hebben we het over een vergissing van de dienst in uw voordeel en hebben we te maken met een teruggave. Voor hoeveel word ik aangeslagen of hoe groot is het bedrag dat ik terug krijg? Alle andere poststukken gaan opzij en je scheurt het blauw in stukken om maar snel bij de inhoud te komen. Uiteindelijk blijkt het om een aanslag van 3 jaar geleden te gaan die voor de tweede maal is goed bevonden. Maar stel je de vreugde voor bij een teruggave. Je geest viert het als een overwinning op een instantie die zich onverslaanbaar voelt. Of de schrik van de aanslag waar je niet op rekende en het proces daarna van ‘wat nu?’

Dit moment van nieuwsgierigheid en korte spanningsboog wil de fiscus u dus nu ontnemen. Leuker kunnen we het niet maken.
Alleen al voor die reden zou het blauwtje moeten blijven. De opwinding die het met zich meebrengt als er weer eens eentje tussen de normale poststukken zit, is van een onmiskenbaar sociaal belang. In de almaar minder wordende poststukken die mij nog bereiken maakt zo’n envelop het verschil. Het rukt mensen, ook al is het maar voor even, uit hun saaie wereldje en herinnert velen dat ze ook nog emotie bezitten. Met de donkere dagen voor de deur waarbij dit jaar alweer minder kerstgroeten op de mat vallen, is een te late aanslag een welkome aanvulling.

Naar mijn idee hebben onze vrienden van de accijnsenclub wel andere prioriteiten en kan de tijd van de ombudsman ook beter besteed worden. Vooruitgang, modernisering en kostenbesparingen zijn prima, maar niet op de blauwe envelop. Als ik niet beter wist zou ik hem op de lijst van cultureel erfgoed plaatsen, tussen het ambacht van de molenaar en zwarte Piet in.

Blauw

Dagen was het al onrustig in zijn hoofd. Zijn staalblauwe ogen keken strak naar de eerste zonnestralen die hun weg baanden door de kieren in het gordijn.

19902945-editable-vector-silhouet-van-een-man-zitten-met-zijn-hoofd-in-zijn-hand-achtergrond-gemaakt-met-een-Een vlassig stoppelbaardje lag in zijn handen die op deze manier het gegroefde gezicht ondersteunde. Slapen kon hij niet. Het was al een week op deze manier gegaan.
Hij had het wel geprobeerd maar de steken in zijn hoofd werd alsmaar erger. Uiteindelijk was hij op de rand van zijn bed gaan zitten. Uren zat hij daar hopende dat de onrust in zijn hoofd zou afnemen.

Jaren geleden had hij hiervoor medicijnen gebruikt en die hielpen in de meeste gevallen wel. Maar helemaal verdwijnen deed het nooit. Tot het moment hij zijn eerste grote daad had verricht. Vanaf toen werd het pas echt rustig in zijn hoofd en kon hij de pillen laten staan.
Na een lange periode van rust waren de steken weer langzaam teruggekomen. De prikkels uit zijn omgeving waren toegenomen waardoor het steeds onrustiger werd. Dit keer ging het gepaard met vervelende fel priemende steken die soms tot ondraaglijke pijnen leidden.

Wat hij ook probeerde, dit keer ging de onrust niet meer weg.
Bij sommige aanvallen had hij het gevoel alsof zijn hoofd werd doorboord met grote verhitte naalden. Daarom dacht hij vaak terug aan het moment dat hem toen hielp om zijn kop weer tot rust te brengen. Dat was het moment toen zijn jacht begon. Hij moest de wereld verschonen van al dat ‘onnatuurlijke’.

Dagenlang sliep hij niet meer en zat dan uren voorovergebogen op de rand van zijn bed.
Zijn gedachten draaiden overuren en vlogen van de ene optie in de andere.
Ik zal eenieder verlossen. Er is genoeg van dit alles. Het moet stoppen.
Voor hem was er maar één uitweg. Om de toenemende pijnen te laten verdwijnen moest hij nog eenmaal toeslaan. Dan zou het over zijn, dat was de oplossing voor zijn lijden.

Bibberend stond hij onder een straal van ijskoud water. Vroeger had hij wel vaker zo gestaan om op deze manier zijn lichaam te laten focussen op iets anders. Voor hem was dit een beproefde methode om zijn brein af te leiden met andere prikkels zodat hij de pijnen in zijn hoofd beter kon verdragen.
Nog even doorbijten, het wordt wel beter.
Het bibberen ging langzaam over in schudden. De reactie van het lichaam werd heftiger naarmate de tijd verstreek. Na verloop van tijd verzachte het inderdaad de prikkende naalden in zijn hoofd. Na ruim een uur afkoelen kon hij zich eindelijk gaan klaarmaken voor wat nog eenmaal moest.

Zijn kamer, inclusief de keuken, was licht en smaakvol ingericht. Pastelkleuren voerden de boventoon en vormde zo als geheel een rustig beeld. Daarbij kreeg het totaal een frisse aanblik door de aanwezigheid van fel gekleurde details. Zo werd de beige gekleurde sofa versierd met fel rode kussentjes wat de toch wel saaie kleur van de bank ruimschoots compenseerde.
Evenals allerhande keukengerei wat in felle kleuren aanwezig was, deed de monotone kleur van het keukenblok breken. Deze combinatie maakte het tot een opgeruimd en vrolijke ruimte. Eén ding viel echter wel op. Ondanks de aanwezigheid van bijna het totale kleurenspectrum was de kleur blauw nergens te vinden.

messenOp het kleine aanrecht stond een messenblok met wel negen verschillende messen. Het was zijn kostbaarste bezit. Hij ging ermee om zoals iemand dat zou doen die net de sleutels van zijn nieuwe Ferrari had gekregen. Na elk gebruik werden lemmet en heft grondig geïnspecteerd. Niets werd aan het toeval overgelaten. Elk smetje werd met grootste precisie verwijderd. De scherpte werd bijna dagelijks gecontroleerd met het daarvoor speciaal aangeschafte papier. Zodra er een hapering optrad werd het direct geslepen om het vervolgens opnieuw aan de proef te onderwerpen. Hij had een broertje dood aan braampjes.

Het koude water had zijn werk gedaan. De priemende prikken waren afgenomen tot licht aanvoelende speldenprikjes waar hij vooralsnog mee kon leven. Snel schoot hij een ruim zittend T-shirt aan met daaronder zijn favoriete spijkerbroek. Deze laatste was speciaal gebleekt, stonewashed en daarna nog eens flink opgeschoren. Bij hem in de buurt was een speciaal winkeltje die deze handelingen graag voor hem deed. Het resultaat was dat de broek haast geen kleur meer had waardoor het perfect bij het interieur van zijn kamer past.
Buiten het feit dat hij vond dat deze broek lekker zat, had hij de winkelier een keer verteld dat zijn werk een ‘bevrijding’ was voor geest en de mensheid.
Schouderophalend had de winkelier hem niet begrijpend aangekeken. Er kwamen wel vaker rare snuiters in zijn shop.

Al bijna vijftien minuten stond hij onafgebroken te turen naar het messenblok.
Hij was er klaar voor. Die verdomde steken in zijn hoofd waren nu gelukkig wat minder maar hij wist dat ze snel zouden terugkomen. Nog eenmaal keek hij naar het blinkende messenblok om vervolgens voorzichtig het uitbeenmes eruit te halen. Door de tijd heen was dit mes zijn favoriet geworden. Het lag goed in de hand met het evenwichtspunt dicht bij het heft waardoor het zeer aangenaam was om mee te werken.
Met de perfecte scherpte was het ideaal voor zijn geplande actie. Dit keer zou het hem wederom helpen om zijn pijn te verzachten.
Evenals die keren ervoor.
Het is niet natuurlijk. Het komt van nature zelden of niet voor.
Ik moet er tegen vechten, ik moet het stoppen!

Hij rolde het mes in wat flyer materiaal dat afkomstig was van een museum vlak bij hem in de buurt. Daarna stak hij het snel achter zijn rug tussen de broekband en riem in met daaroverheen zijn T-shirt. Even controleerde hij of het zichtbaar was maar door zijn ruime shirt was er niet veel van te zien. Hij voelde de onrust alweer toenemen. Zijn drang tot acteren werd nu heftiger.
Nog even, dan is het mijn moment.
Nog iets meer dan een half uur en ik zal nieuws maken. Ze zullen begrijpen wat ik doe.
Eindelijk zou zijn uitgeputte lichaam de rust krijgen waar het al dagen naar hunkerde.

Ondanks dat het maar een paar honderd meter was richting zijn doel duurde de tocht vanaf zijn huis ruim vijfentwintig minuten. De afleidingen waren talrijk en niet altijd even makkelijk te pareren. Hij wist van te voren dat dit zou gebeuren. Op zijn pad zag hij voldoende om zijn toenemende honger te stillen. Maar hij moest sterk zijn.
Eerst de grotere dingen de rest komt later wel.
Zelfs de kleinste objecten in zijn voortdurende strijd waren al voldoende om het prikken in zijn kop weer te laten toenemen. Nu toegeven aan deze kleinigheden zou wel de pijn verminderen maar niet wegnemen. Daar was wel meer voor nodig.

action-planWilde hij slagen in zijn missie dan moest hij naar binnen. Tot in de kleinste details had hij een plan uitgewerkt om elkaar via de kortste route te ontmoeten. Dagen achtereen had hij het plan stap voor stap herhaald. Niets werd aan het toeval overgelaten. Hij kon al zijn passen, al zijn bewegingen tot op de seconde in gedachte herhalen.

Nadat hij een kaartje had gekocht werd hij netjes door een juffrouw in een prachtig blauw kostuum door een veiligheidspoortje geleid. Dit ter controle of er geen ongewenste metalen voorwerpen naar binnen werden gebracht.
Jou krijg ik nog wel, vuile bitch. Wacht maar, mijn mes zal je in reepjes voer voor de leeuwen doen veranderen.

Het poortje registreerde niets zodat de doorgang vrij was voor het uitvoeren van zijn illustere daad. Bij zijn volgende gedachte kwam er een kleine glimlach op zijn gezicht.
Keramische messen zijn tegenwoordig een uitkomst.

Aan de andere kant van het poortje wachtte hem nog een hindernis.
Dit keer was het de beveiligingsbeambte die hem aandachtig bestudeerde.
Zijn vlassige baard en zijn oververmoeide blik trokken blijkbaar de aandacht.
De strak gerichte blik van de beambte verhulde dat hij het heerschap niet helemaal vertrouwde. Een paar tellen later maakte hij aanstalten om hem uit de rij van de aanwezige bezoekers te halen.
Nu hij zo dicht bij zijn doel was nam de spanning toe en werd in één keer alle adrenaline die hij in zich had zijn bloedbaan ingespoten.
Zijn hartslag verdubbelde haast, zijn ademhaling werd kort en vluchtig. Met het opvoeren van zijn hartslag werden ook de naalden in zijn hoofd erger.
Hadden zij zich al een weg gebaand tot diep in de kern, nu leek het wel of iemand met draaiende bewegingen bewust de grens van het uiterste aan het opzoeken was.
Hoeveel meer kon hij nog verdragen?
Niet alleen de gekte in zijn hoofd nam toe. Al snel bereikte de adrenaline zijn minuscule zweetkliertjes. Kleine pareltjes zweet ontstonden over zijn gehele gezicht.
Het was voldoende aanleiding voor de beambte om dit heerschap eens beter onder de loep te nemen. Hij rees zijn arm om hem te gebaren opzij te stappen voor verdere inspectie.

Het gekletter deed iedereen schrikken. Aan de grond genageld keek eenieder in de richting waar het geluid vandaan kwam. Achter hem was met flink kabaal een metalen voorwerp op de plavuizen vloer beland. Bij het passeren van het poortje werden meegebrachte tassen en andere bagage op een lopende band gelegd om die vervolgens door een röntgen toestel te halen. Blijkbaar was het statief van zijn achterbuurman uit de rugzak gevallen nadat die het einde van de lopende band bereikte. Het eiste alle aandacht op en de beambte reageerde direct op het voorval. Dit was zijn geluk. Ongemoeid kon hij verder.
Sukkel, je krijgt nog spijt van je hulpvaardigheid.

Iets verder kwam een soortgelijke juffrouw als bij de ingang hem tegen in één van de gangen. Geleerd van het incident van zo-even liep hij met gebogen hoofd haar tegemoet.
Om een frontale botsing te vermijden moest hij wel even opkijken.
Direct werd hij gestraft met een enorme pijnscheut. Even dacht hij dat zijn hersenen het zouden begeven. De pijn deed hem ineen krimpen en met beide handen greep hij naar zijn gekwelde hoofd.
Nog even, kom op, laat het nu niet meer lopen. Sta rechtop en trek geen aandacht.
Denk aan je doel en de rust die je zult hebben.

De juffrouw zag hem ineen duiken en bedacht zich geen moment om hem te hulp te schieten. Hij hervond zich, rechtte zijn rug en gebaarde snel dat alles OK was.

sponge-relief-re19-yves-klein-1958De ontmoeting was nu een feit. Wederom tergde een enorme pijnscheut zijn uitgeputte brein.
Hij wilde het wel uitschreeuwen maar wist zich op tijd te beheersen.

Daar ben je dan secreet.
Een van ons is teveel in deze wereld.

In één vloeiende beweging trok hij het mes en ging als een dolle op het monochroom blauwe doek af. Het uitgeleende werk van Yves Klein hing er pas een paar weken.

Kleur ik haat je zoveel. Ik haat je, verdomde rot kleur.

Op het ritme van de steken werden de woorden herhaald tot het schot viel.
Langzaam hief hij nog een keer de arm om een laatste steek toe te brengen aan de kleur waar hij zo dwangmatig mee bezig was geweest.
Nog een knal.
Doordat zijn kop bijna uiteenbarstte registreerde hij de impact van de kogel niet meer.
De pijn nam af. Langzaam ebde de pijn in zijn kop weg.
Hier komt mijn rust.