Tagarchief: Hallgrimskirkja

Impressies

Het was ongeveer een vijftal minuten lopen van mijn hotel. Al een paar dagen liepen we door het stadje en vanuit welke hoek je ook keek, het hoogste en tevens meest markante gebouw, was altijd zichtbaar. Gelegen op het hoogste punt in de stad toornde deze kolos van bijna vijfenzeventig meter hoog boven de in felle kleuren geschilderde huisjes uit.

kerkIk was onder de indruk van het gebouw. Geïnspireerd door de grote basalt partijen op het eiland heeft het haast een surrealistisch uiterlijk. Pas in 1986, ruim zesendertig jaar na de dood van de architect en na ruim eenenveertig bouwjaren, opende Hallgrimskirkja zijn deuren voor zijn Gemeente.

De aantrekkingskracht was enorm. Al meerdere malen had ik er op aangedrongen om naar binnen te gaan bij mijn reisgenoten. Het moment was daar. Overmand door de eenvoud en de hoeveelheid warm licht maakte dit gebouw tot een onovertroffen schoonheid. Simpel en zonder poespas straalde het uit waar het voor neer gezet was. Rust, gebed, veiligheid en geborgenheid.

Met de mond open draaide ik me halverwege om en een fantastisch instrument brandde zich vast op mijn netvlies. Maar liefst vijfduizend tweehonderdvijfenzeventig pijpen nemen het hele gedeelte boven de ingang in beslag. Met zijn tweeënzeventig registers en vier klavieren een van de meest indrukwekkende kerkorgels die ik ken.

OLYMPUS DIGITAL CAMERANog onder de indruk van het enorme gevaarte zette ik mij op één van de bankjes en liet de impressies langzaam op mij inwerken. De stilte werd doorbroken met onverwachte diepe klanken die gelijk het diepste in mij raakte.
Mijn regelmatige ademhaling stokte en de lucht kwam nu met horten en stoten naar binnen. Niet lang daarna voelde ik het vocht aanzwellen in mijn ogen en een eerste traan was geboren. Haast op het ritme van de diepe klanken van de immens grote orgelpijpen baande het vocht zich een weg over mijn stoppelige wang naar beneden.

De bassen werden plots aangevuld met het serene geluid van een viool, dansend op het repeterende ritme van het orgel. Met schokken haalde ik adem en een tweede traan vond zich een weg. Ik draaide me hoofd om en zag een meisje van nog geen twintig een klassiek stuk spelen zoals ik nog zelden gehoord had. Mijn waterige ogen namen nog net waar dat er iets van Sonate en Bach op het muziekblad stond. Als dit een oefening was, hoe zou dan de uitvoering klinken?

Emoties kregen de overhand en langzaam droomde ik weg.
Zonder digitale correcties kwamen de tonen binnen en elke noot was raak.
Even was ik in een andere wereld. Een wereld zonder haat en geweld.
Alles was zuiver en puur.

‘Schat, is er iets met je?’

Iets uitbrengen kon ik niet. De eeuwige strijd of een man wel mag huilen wierp een blokkade op in mijn keel. Gelukkig was het de emotie die won.

‘Nee, niks bijzonders’ snotterde ik. ‘Dat dit nog bestaat.‘