Die Dag

(Naar aanleiding van het boekenweekthema: Duitsland)

bolHet waren er weer meer dan andere jaren. Staand op de brug, kijkt Gert-Jan tevreden over de weidse velden. De doorgaans kleurrijke bollenvelden tonen doffe grijze plekken daar waar de koppen zijn gesneld. Zij vertolken zijn huidige gevoel op deze memorabele avond.
Al meer dan 45 jaar blijft hij na totdat iedereen is vertrokken. Dan schuifelt hij in gedachten naar deze plek die hem zoveel rust brengt alvorens huiswaarts te keren. Het was fijn om te zien dat steeds meer jongeren zich betrokken voelden. We mogen dit immers nooit vergeten.

Elk jaar weer ziet Gert-Jan die verdwaalde V2 uit den Haag landen op de bollenschuur bij de buren. Brandend ziet hij haar uit de vlammenzee naar buiten komen waar zij vervolgens een paar meter verder bezwijkt. Die beelden verdwijnen nooit. Het enige wat hij heeft geleerd is om met deze beelden te leren leven zodat zijn hart alleen op deze avond totaal verscheurd wordt. Nachten achtereen was hij badend in het zweet wakker geworden en had hij haar naam geroepen tot schreeuwen aan toe. Na jaren van therapie heeft hij dan nu het kunstje onder de knie om er te kunnen mee omgaan.

De camper was al zeker meer dan vier keer de brug gepasseerd. Gert-Jan had er niets van gemerkt. Nu stopt het busje vlak naast Gert-Jan. De bestuurder probeert zich vanachter het stuur uit het busje te wurmen. Iets wat niet eens zo eenvoudig is. Bij het draaien van het lichaam klemt de corpulente man zich vast tussen stoel en stuur. Na wat wrikken komt de man uiteindelijk naar buiten.

‘Wie heisst das hier?’

Gert-Jan schrikt op uit zijn gedachte en draait zijn blikveld in de richting van de verdwaalde toerist. De felle blik in de ogen van Gert-jan doet de man terugdeinzen.
Gert-jan wil bijna iets zeggen maar realiseert zich dan, dat zijn dodelijke uitstraling al zijn werk heeft gedaan. De man kruipt met net zoveel moeite weer achter het stuur van zijn camper en vertrekt.

Thuis gekomen opent Gert-jan het laatje van zijn nachtkastje. Traditiegetrouw  pakt hij het zwart gelakte doosje. Met een trillende hand opent hij de deksel en tuurt hij naar de inhoud. Een foto van een jonge vrouw steekt half uit een gevouwen kaart.
Na een minuut of vijf opent hij de kaart. Langzaam leest hij de tekst hardop.
De aankondiging van het huwelijk tussen hem en zijn aanstaande bruid komt stotterend naar buiten. Een traan biggelt over zijn gerimpelde wang en landt op de foto. Opnieuw ziet hij haar.

brandDe vlammen lijken dit keer wel groter dan ooit. Wat ooit zijn bruid zou worden ziet hij opnieuw in de vernietigende vlammen opgaan. Hij sluit het doosje, dan de lade en zucht diep.
Starend naar de muur blijft hij nog even op de bedrand zitten.
Het incident op de brug komt in hem op.
Weten ze dan verdomme niet wat voor dag het is?

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.