Categorie archieven: Korte Verhalen

Midlife

De ijzige kou maakte het moeilijk om de sleutel goed in het slot te krijgen. Zijn handen voelden als een paar Cornetto’s. De anders zo vingervlugge handen waren tot pegeltjes verworden. Na poging drie lukte het dan toch. Snel opende hij de deur en raapte de post op. In een klein ogenblik zag hij een blauwe envelop van ‘de leuker kan ik het niet maken’ vereniging.

Hij gooide snel zijn jas op de bank nadat hij het stapeltje fanmail in een hoek op het bureau had gelegd. De warmte van de behaaglijke omgeving deed hem goed. Snel keek hij op zijn Chinese Panerai. Kwart over zeven. Er was dus nog tijd. Vanavond was het zijn volley avond en die begon pas om half negen. Een lichte tinteling bracht weer langzaam gevoel terug in zijn vingers. Echter het hongergevoel overheerste en hij besloot voor een Italiaan te gaan. Bij het indrukken van de toetsen maakte de lichte tintelingen plaats voor een stekende pijn. De zachte tinteling was overgegaan in een branderig gevoel welke steeds heviger werd. Het leven in hem keerde terug, het warme bloed had zijn weg weer gevonden door de geopende haarvaatjes en bracht het omliggende weefsel weer een beetje op temperatuur. Gelukkig maar dacht hij, dan zijn ze straks lekker in vorm.

‘Eh…ja, kan ik een Napolitana bestellen. Ja, nummer 15. Aha telefoonnummer klopt, adres is wel bekend he?’

Vijf minuten na de bezorgtijd stond er nog slechts een lege kartonnen doos voor hem waarvan men getracht had deze nog wat op te leuken met kleuren van de Italiaanse vlag. Inmiddels had hij zijn kijkbuis afgesteld op zijn favoriete net. Met trots meldde hij zijn vrienden dat hij de grootste fan van het NOS Journaal was geworden, hij miste er geen één. AnnechienVanavond was Annechien er. Ze had een prachtig rood leren jurkje aan die haar vormen meer dan recht deden. Sinds zij het Journaal verzorgde was hij een echte fan geworden. Haar verschijning was een aanwinst en zij had de gave om van de meest gruwelijke berichten toch iets zachts of iets aardigs te maken. Althans dat vond hij. Hij begaf zich op de bank en zakte half onderuit.

Het eerste dat hij weer bewust registreerde was die slapjanus van nieuwsuur. Shit. Ik ben in slaap gevallen. De Panarai verscheen snel voor zijn nog slaperige ogen en meldde hem de tijd van twintig voor negen. Hij schoot overeind en dook in zijn jas die nog half over de stoel hing. Gelukkig had hij zijn tas al klaar staan in de hal en in een vloeiende beweging sloeg hij deze om zijn schouder tegelijkertijd de deur sluitend.

‘Hoi’ zei hij met hijgende stem bij binnenkomst van de kleedkamer.
‘He, Rob, alles goed?’ klonk het haast in koor. Vlug telde hij de koppen en wist al snel dat hij nog niet eens de laatste was. Deze groep nam het niet zo nauw met de half negen deadline. ‘We hebben een nieuwe’ klonk het opeens naast hem. ‘Ze heet Annelore. Lekker ding man!’

‘Ach, jullie altijd met je hitsige gedoe’ grapte hij terug.
Binnen een paar minuten was hij omgekleed en begaf hij zich naar de ingang van de zaal. In een fractie van een seconde zag hij een hoog blonde paardenstaart naast de stijl van de deur voorbij komen. Zijn vlotte pas stokte en het was alsof hij aan de grond genageld stond.paardenstaatrt Echter van korte duur. De focus op het haar sloeg om in een hongerige nieuwsgierigheid en snel wilde hij weten welk lichaam zich aan de haren verbond. Ze was van een ongekende schoonheid. Zijn mond viel open, zijn hartslag nam toe, een voorraad adrenaline werd in een keer aan de bloedbaan aangeboden. Aan die voorzijde van de paardenstaart onthulde zich een licht gebruind gezicht. Haar teint verried het regelmatige gebruik van een zonnebank. Zoals tegenwoordig normaal in de sport had ook zij het van Moorsel en Griffith effect. Prachtig opgemaakt met oog voor details wat je kon aflezen aan haar gelakte kunstwerkjes op haar nagels. Haar ogen hadden de kleur van het water rond de Maldiven welke omlijst waren met een bijpassende pastelkleurige oogschaduw. Haar oogwimpers met de ragfijne mascara en de daarbij behorende ‘looks’ vervolmaakte haar wulpse uitstraling. Ze droeg een te strak donker rood shirtje waarbij haar rondingen van haar bovenlichaam tot in perfectie uitkwamen. Daaronder liep het shirtje vloeiend over in een nog strakker broekje, eentje zoals je die tegenwoordig ook in het hockey tegenkomt. Ook hier was niets aan het toeval overgelaten. Haar ranke heupen vormden met haar volle ronde billen een prachtige balans die alleen maar in dat soort broekjes tot zijn recht komen. Haar licht gebruinde lange benen maakten het beeld compleet.

‘Hallo, ik ben Annelore’ zei ze met uitdagende stem. ‘ Voor vrienden ook wel Anna genoemd.’
Met enige hapering kwam er een bijna onverstaanbare hallo terug uit de inmiddels super droge mond van Rob.
Ze werden allen opgeschrikt door de inzet van luide muziek. Er was een moment van herkenning toen het om de eindtune van het Journaal ging.

Half liggend op de bank schrok hij wakker. Shit dacht hij. Alweer in slaap gevallen. De mooiste plaatsjes van Annechien had hij weer gemist. De aftiteling van het Journaal vertelde hem dat het tegen half negen liep. Ai, op naar het volleyballen. Snel pakte hij zijn spullen en was om halfnegen precies in de kleedkamer. Hij was de eerste, een uitzondering want hij was meestal te laat. Toen de trainer binnen kwam bolden zijn ogen van hitsigheid en spring bijna in de armen van de arme man die niets vermoede.
‘Hebben we een nieuwe erbij, zo’n jong ding?’
De vurigheid waarmee de vraag werd gesteld deed de man terugdeinzen. Verbaast keek hij Rob aan.
‘Nee joh, hoe kom je daar nu opeens bij?’
Er viel een stilte in de kleedkamer. Hij realiseerde opeens wat hij had gevraagd en ook vooral de manier waarop. Met enige schaam en half rode wangetjes kleedde hij zich langzaam om. Het was de eerste en tevens de laatste keer dat hij precies om half negen aanwezig was.

Levitatie

De afspraak was nu gemaakt. Hij had er weken tegenop gezien maar nu had hij dan toch de afspraak gemaakt. Alleen al de gedachte dat het ging gebeuren deed hem huiveren. Niets was zo erg als juist dat ene ding. Maar goed. Het advies was geweest om zich nu toch maar een keer te laten behandelen. Het werd af en toe ook ondragelijk. Zeker bij significante verschillen in temperatuur was het raak. Hij wist dan even niet wat hij moest doen. Ook als hij een pittige maaltijd had gegeten dan was het een half uur daarna feest. Hoe dat laatste kon was voor hem een raadsel. Dat het vervelend en irritant begon te worden was een feit.

De Russen zouden dat weekend niet meer komen en hij was vrijaf gegeven door de legerleiding. Vrijdag na zijn laatste dienst had hij snel de trein genomen en op weg gegaan naar huis. Daar waar het eten wel goed was en waar iedereen nog een beetje normaal deed. Hij had zich tegoed gedaan aan wat zijn lievelingsmaaltijd was. Zijn moeder maakte dat altijd als hij thuis kwam in het weekend. Genoten had hij en dit keer in het bijzonder omdat er extra aandacht was geschonken aan het toetje.
Met een dikke ronde buik plofte hij op de bank en klikte een film aan op de televisie. Een heerlijk huiselijk gevoel en wat rust aan zijn hoofd. Na tien minuten werd de film zo spannend dat hij zich er niet veel meer van kon herinneren. Hij ontwaakte toen het tien uur journaal begon en ging naar bed.
Ongemakkelijk werd hij wakker. Er was iets met zijn gezicht maar wist niet goed wat. Hij voelde iets van een zwelling maar had niet echt pijn. Half dommelend liep hij naar de spiegel en schrok zich te pletter. Zijn ogen sperde wijd open en knipperde nog eens om te zien of hij nog droomde. Een zwelling ter grote van een tennisbal ontwikkelde zich in zijn linkerwang. Zachtjes raakte hij het aan maar de pijn bleef uit. Zonder een moment te twijfelen ging hij met zijn zwelling naar zijn moeder. Zijn hele jeugd was hij ingepeperd met haar EHBO diploma dus dat kon nu dan eindelijk goed van pas komen. Ook zij schrok eerst maar de nuchterheid sloeg snel toe en ze acteerde gelijk als een professional.
‘Dat is een flink abces jongen’ zei ze. ‘Hoe kom je daar nu aan. Heb je pijn?’
Hij schudde zijn hoofd. Drie kwartier later waren ze bij de dienstdoende tandarts van het weekend.
‘Zo, dat ziet er niet best uit’ was de eerste reactie. ‘Laat me maar eens even kijken wat hier aan de hand is’
Met een voor zijn gevoel nog grotere bal aan de linkerkant begaf zich naar de half gebogen stoel waar hij altijd al zo’n hekel aan had. Eenmaal plaatsgevonden deed hij automatisch zijn mond open en merkte nu eigenlijk pas dat het wat minder makkelijk ging. De huid werkte niet erg mee in het strekken want het had al genoeg weggegeven aan de bolling op zijn linkerwang.
‘Dat is inderdaad een flink abces. Daar heb ik geen foto voor nodig. Ik denk dat de wortel ontstoken is en er is maar een oplossing voor. Eruit met die verstandskies.’
Moeder haar EHBO was gelukkig niet voor niets geweest.
‘Wat hoet dat hoet’ mompelde hij met half open mond.
‘Er is echter een klein dingetje wat ik wel even kwijt wil. Gezien de omvang van de ontsteking kan ik je helaas niet verdoven.’
Zijn hart sloeg even over en daarna stond het weer net zo makkelijk heel even stil. Echter nog voordat hij er erg inhad was de vreemde man alweer in zijn mond aan het wroeten en hij voelde nu wel degelijk een pijn opkomen. Na wat gerommel merkte hij dat de tang werd geplaatst en kon hij vanuit zijn ooghoek zien hoe de vreemdeling zich nog even een goede houding aanmat om voldoende kracht te kunnen zetten. Het volgende moment was van ongekende pijn en bracht hem in een soort trance die het lichaam blijkbaar direct als zelfverdediging opwerpt. Hij wist het zeker, dit was het moment van zijn levitatie.

tandVandaag moest dan de verstandkies eruit. De gedachten van wat er dertig jaren geleden gebeurde deed hem opnieuw rillen. Gelukkig was het dit keer een kaakchirurg met een uitstekende reputatie. Om enige invloed te krijgen op de behandelende arts toetste hij deze met de meest verschrikkelijke verhalen die hij had gelezen op het internet maar de kaakchirurg gaf geen krimp.
‘Met wat ik op de foto zie zal het wel meevallen met jou’ was het enige wat er uit kwam.
Na het verdovingsspuitje was het nog tien minuten wachten. Voor hem de gelegenheid om het verhaal van dertig jaar geleden nog eens op te rakelen. Daarmee hoopte vurig hij dat er enige indruk gemaakt kon worden en dat er iets van compassie bij de uitvoerende zou opkomen. De kaakchirurg keek even over zijn hoornenbrilletje heen voor een moment dacht hij een glimlach te ontwaren. Hij mocht naar de overkant en in de “echte” stoel plaatsnemen. Een assistente waarbij de houdbaarheidsdatum al was verlopen probeerde hem op zijn gemak te stellen. Al snel lag zij een setje werktuig neer waarmee je naar zijn idee ook een heuse jonge olifant mee kon opereren. De adrenaline pompte zich nu in grote hoeveelheden in zijn bloedbaan en hij voelde zijn hartslag toenemen. Een blauwe doek werd half over zijn gezicht geplaatst, het licht van de lamp gericht, een schaduw viel over hem heen en het commando van mond open werd gegeven. Dit is het dan. Na dertig jaar een zelfde ervaring? Zou hij dit keer een paar millimeter hoger komen? Hij voelde een paar grote vingers zijn mond binnendringen en zijn adem stokte. Hij hoorde de overjarige zeggen dat het even zwaar aan kan voelen op de kaak. Na zes seconden was het de kaakchirurg die het woord nam.
‘Bedankt en tot de volgende’.
Vol verbazing bleef hij nog even liggen.

Flatus

Haar kraakheldere diepblauwe ogen keken hem doordringend aan. Ze lagen in een bedje van een amandelvormige opening in de huid onder haar donkere wenkbrauwen die sluierend werden gecamoufleerd door haar blonde lokken. De ruimte was misschien twee bij twee en halve meter en dichter bij haar kon hij haast niet komen. Haar onweerstaanbare schoonheid straalde van haar af en hij keek als een verlamde prooi in twee heldere koplampen. Hij registreerde niet eens het zacht zoeven van de cabine en even dacht hij dat hij stond te kwijlen. Slechts een keer had zij met de ogen geknipperd en dat maakte het geheel alleen maar aantrekkelijker. Haar oogopslag was van een die je zelden ziet. Verleidelijk, zwoel, teder, uitdagend en vooral sexy tegelijk.

Hij kon niet knipperen. Hij was versteend en aan de bodem genageld. Langzaam kwamen haar mondhoeken als luxaflex gordijntjes omhoog en hij dacht even een klein rimpeltje waar te nemen rondom haar welgevormde mond die was versierd met prachtig gevulde lippen. Een kleine schok en de cabine stond stil. Zij bewoog met een elegance zoals je die nog nooit had gezien. Haar billen in volmaakte balans en op een ritme waar menig Braziliaans meisje jaloers op zou zijn.

Ontwakend uit zijn droom nam zijn neus een vuile geur waar. Een vreselijke lucht die was gecombineerd van rottende knoflookresten met materiaal van een dagenoude visafslag aangevuld met een aroma van stinkende zwaveldampen. Het geheel maakte zich langzaam maar zeker van hem deel. Even dacht hij dat er een groene waas voor zijn ogen werd getoverd. Zijn adem stokte en hij wilde nog iets zeggen maar kon het niet meer. De deuren sloten zich en hij was nu alleen. Vanachter de deur hoorde hij een ongeneerde lach aanzwellen tot een bulderend volume. Hij moest nog acht verdiepingen.

Misser II

De blauwe lijn was de kortste tour. De chauffeur zette er flink het gas op om zijn opgelopen achterstand eventueel te kunnen goedmaken. Met een simpel handgebaar wat zoiets moest voorstellen als “ik zit vol”, sjeesde hij halte twee voorbij. Het gebaar had net zo goed iets anders kunnen betekenen maar hij hield het maar bij deze uitleg.
De weg was smal en overal liepen zwoegende toeristen die of niet in de lange rij wachtenden wilden plaatsnemen of geen vijf euro over hadden voor de busrit naar boven. Hij gokte het laatste dit keer.

Na drie bochten werd het al steken met een gevaarte van al snel twaalf meter lengte. Hij begreep nu ook waarom staande passagiers niet werden toegelaten. Al snel bereikten ze een van de eerste landgoederen op de route. In wel acht talen werd er informatie verstrekt over de plek die werd aangedaan. Chauvinist als hij was had hij het Nederlandse kanaal opgezocht. Het klonk hem vreemd in de oren. Was dit zijn eigen taal? Een monotone opsomming van feiten door een nederlands sprekende buitenlander was niet echt wat hij ervan verwachte.

Na een minuut of vijftien waren zij boven en konden zij het Moorse kasteel aanschouwen door een kale plek in de begroeiing. Nou ja kasteel, de overblijfselen van de muren dan in zowel nog eerste als tweede ring en met de turret torens nog in takt. Schitterend gelegen op de kam van de heuvel lag het prijkend boven het dorp. Bijna elk huis of paleis dat zich een beetje respecteerde had wel een bezichtiging. Als je maar betaalde. Zo ook wel het pronkstuk van deze tour het Palacio Pena. PenaDit schtterende overblijfsel is werkelijk een adembenemend gebouw in al zijn pracht en praal.

‘Zullen we deze doen?’ vroeg zij.
‘Heb je die rij gezien’ antwoorde hij. Zij had die niet goed kunnen waarnemen want zij zat niet aan de goede raamkant.
Een blik naar de juiste plek deed haar mond openvallen.
‘Que cola’ bracht ze uit en daarmee was in de toon het antwoord opgesloten dat ze dit niet zag zitten. De rij of cola, was niet alleen enorm om de kaartjes te kopen om jezelf toegang te verschaffen, nee de rij continueerde zich voor de poort om uberhaupt maar naar binnen te mogen. Zijn gedachten gingen terug toen hij nog regelmatig naar pretparken ging. Dit was zo’n dag. Er stonden dan wel geen bordjes zoals in de efteling maar op menig gezicht was af te lezen dat de wachtijd nog zeker een uur was. Mede ook gezien de buscapaciteit van die dag besloten ze om de tour eerst af te maken om dan te beslissen of om over te stappen op de rode lijn of blijven zitten en dan hopen dat het wat rustiger zou zijn. Normaal deed de bus er vijfenveertig minuten over, hij schatte dat het vandaag op het dubbele uit zou komen.

Na goed een uur en twintig minuten waren zij weer bij het aanvangspunt. Ze hadden inmiddels besloten om over te stappen op de rode lijn. Dan zouden ze als goede hollanders het maximale rendement uit hun dagpas halen. De rode lijn zou elk uur op het hele uur vertrekken en het was inmiddels tien minuten voor twee. Een perfecte timing. Gezien de rode lijn minstens een uur en veertig minuten zou duren, volgens de dienstregeling dan, besloten ze snel een broodje te scoren in de locale pastelaria. Dit om het absolute honger gevoel voor te blijven. Rond kwart over twee kwam de bus. Het was wederom een blauwe lijn. Was er de eerste keer al een incident, het gevecht voor een plaatsje herhaalde zich voor zijn ogen.

‘Wanneer komt de rode lijn?’ vroeg hij beleefd.
‘Over 10 minuten meneer’ was direct het antwoord.
Ja die ken ik innmiddels. ‘Dat zei je om twee uur ook al’ en hij wees op zijn pas gerenoveerde Panarai die blonk in de felle zon. Een sterk aangezette glimlach ontblootte een rijtje gele tanden van man van de busmaatschappij. Dat was tevens voldoende om de conversatie daar te laten waar hij was.

Om even over half drie kwam de bus dan aanrijden. Gelukkig waren er niet veel wachtenden en ging de bus op een vijftal mensen ook helemaal leeg. Geen oponthoud dit keer dacht hij. Omdat zij er als eerste stonden dachten ze dat ze ook als eerste naar binnen mochten. Helaas gelden voor toeristen beleeftheidsvormen niet en waar culturen botsen heeft de brutaalste het grootste recht. Zo ook een Portugees stel dat zich naar voren wurmden ten kosten van een paar goedschikse Amerikanen. Zijn wederhelft had het spel echter snel door, wellicht omdat zij ook van Zuid-Europese afkomst is. Met een elegant gebaar en een zeer tactische maneuvre met haar heupen, sloot ze de weg af voor allen die achter haar stonden en liet hem ongebruikelijk als eerste instappen. Achteraf gezien een meesterzet. Ze hadden op deze manier de plek voor het uitzoeken om de mooiste plaatjes te kunnen maken.

De tour bracht hun langs paleizen de een nog mooier dan de ander. In een stuk natuur die wonderschoon mag heten. Zij keken hun ogen uit en genoten volop van alles wat er voorgeschoteld werd. De rit ging vervolgens naar het meest westelijk stukje gelegen Europa, Cabo da Roca. Door velen wel het einde van de wereld genoemd. “Hier houdt de aarde op en begint de zee”.
Cabo da Roca - 16112009 (11)
De bus zou hier even vijftien minuten stoppen om een ieder wat fotos te laten maken. Er zijn natuurlijk mensen die niet weten hoelang vijftien minuten zijn of de voorgaande bussen reden snel weer weg. Feit was dat er op deze kale rotsachtige plek met een klein winkeltje, een vuurtoren en een cafeetje er verder niets meer anders is dan een winderige parkeerplaats. Daarnaast waren er klaarblijkelijk mensen van de hop-on hop-off aanwezig maar dan zonder bus. Onze bus was vol en zodra de eerste voor een fotoshoot de bus verlieten, werden deze plekken direct ingenomen door wat later bleek, al twee uur wachtende troepen die verwaaid en uitgekeken waren.

Hij stapte uit voor de fotos en maande haar binnen te blijven. Bij het uitstappen zag hij al dat het misging en vertelde haar met gebaren de plaatsen ten koste van alles te verdedigen. Zo gezegd zo gedaan. Het kwartier was voorbij en hij inmiddels weer aan boord met tal van andere gezichten voor hem.

‘Weet je wat mij overkwam, dat takkewijf.’
Vragend keek hij haar aan. Hij hoefde niet te reageren want op deze toon wist hij toch wel dat de rest vanzelf zou komen.
‘Ik zat hier te wachten en die anderen kwamen aan boord en ze pakten het water en kaart van de mensen voor ons en gooide dat zo bij mij neer. Ik dacht wacht even juffertje en pakte de spullen en smeet ze zo terug. Wat denkt ze wel niet die Spaanse trut.’
‘Heb je goed gedaan lieverd’ antwoorde hij spontaan.

Inmiddels stonden de oorspronkelijke  mensen in de bus en claimden hun plekje terug. Eentje probeerde wijs te zijn door te roepen dat het een hop-on hop-off bus was en er dus geen vaste plekken waren, opgestaan werd er niet meer. Een portugese vrouw begon samen met haar man behoorlijk stennis te maken. Hij kon het niet erg volgen behalve het stukje over dat ze haar water kwijt was. Daar zou hij nog wel in kunnen bemiddelen maar hield uiteindelijk wijselijk zijn mond. Na alle comotie en gescheld bleek er een tweede bus te zijn die de chauffeeur zo goed als hij kom met handen en voeten probeerde aan te wijzen Uiteindelijk kom dus iedereen mee die wel wist wat vijtien minuten was.

De weg terug ging door een schitterend natuurgebied. Hij hoorde in de verte het zagen van de bomen en het werd donker. Bij het paleis van Pena werd hij weer wakker. De chauffeur gebaarde moeilijk en indien je naar het centrum wilde dan moest je overstappen op de andere bus achter ons. Niemand begreep er ook maar iets van en bij herhaaldelijk vragen waren zijn antwoorden inconsequent. De rijen voor het paleis Pena waren omgezet in een enorme rij om weer de heuvel af te komen. De bussen konden de aanvoer nauwelijks verwerken en was dat ook geen reele optie. Nogmaals gevraagd wat er nu precies ging gebeuren en we begrepen dat hij naar halte 1 zou gaan. Gezien iedereen daar naar toe wilde begepen we niet waarom er opeens mensen naar de andere bus moesten. Hij zou de tour niet in zijn geheel afmaken maar direct naar halte 1 gaan. Perfect voor ons. De blauwe lijn had ons namelijk dat andere stukje al laten zien. Wij bleven.

Op het laatste moment kon de bus nog naar beneden. Met nog duizenden mensen op de berg werd namelijk een “Paasrun” georganiseerd en zou het weldra voor verkeer worden afgesloten. Je kunt het haast niet bedenken maar was het was toch waar. Op de weg naar beneden werden wij alleen maar tegemoet gekomen door hardlopers die naar het startpunt gingen.

Veel sneller dan met de blauwe lijn waren we beneden. De bus liep leeg en we waren om kwart voor vijf weer in het dorp terug. De bus ging nog 1 ronde. Volgens schema vertrok de laatse rode lijn om 16:00. Hoe dat is afgelopen weten we niet, noch vertelt het verhaal of er mensen zijn blijven steken op de Cabo da Roca en of het nog licht was toen ze terug kwamen.

Misser I

Lissabon. Het is groot, oud, smerig en schreeuwt om onderhoud maar het is ook sexy, het leeft, het swingt! Het heeft het typisch Zuid-Europese karakter van vochtige warmte, een zwoel windje, het tempo van de Fado en de lucht is de hele dag zwanger van eten. Echter voor de schoonheid moet je toch naar andere gebieden niet zo ver van deze historische stad. Meer richting atlantische kust en weg van de rivier en zijn delta. Die dag zou hij naar Sintra gaan. Een gehucht dat bekend stond om zijn prachtige paleizen en nog fraaiere tuinen.

Zijn rode voorhoofd stak fel af tegen zijn grijze lokken. Gisteren was een heerlijke dag geweest met volop zon en een hoge luchtvochtigheidsgraad. De gedachte dat het wel mee zou vallen met dat voorjaarszonnetje was mooi mank gegaan. Daar stond hij dan. Met de lengte die hij had en dan nu ook nog met zijn rode kop was hij de blikvanger voor menige Portugees. Ze stonden in de rij voor het treinloket en omdat er toch niets anders was te doen dan mensen kijken, waren alle ogen op hem gericht. Vanwege de enorm lange rij mensen voor het loket was zijn vriendin in een ietwat kortere rij gaan staan voor de automaten. Zij had sneller geluk want nog voor hij oog in oog kon komen met een beambte van de Portugese spoorwegen, zwaaide zij met het groene kaartje en de rekening.

‘Heb je er wel twee?’ vroeg hij.
‘Jazeker, kijk maar op de rekening. Ik heb betaald voor twee.’

Hij haalde zijn schouders op en vroeg zich af hoe er nu twee ritten op een kaartje konden. Eerlijk is eerlijk het was ook de eerste keer met de trein in Portugal. Dus wie weet. Het antwoord op zijn vraag kwam echter al snel toen hij het groene kaartje in zijn handen kreeg gedrukt nadat zijn vriendin keurig door het tolpoortje was gelootst. De hekken bleven voor hem gesloten. Ook na het proberen van drie andere poortjes bleef de toegang tot het perron voor hem gesloten. Opeens zag hij er een openspringen en of het een systeemfout was of iemand anders had de poort zojuist geopend, hij sprong in het gat en verschafte zich toegang tot het perron. Zijn vriendin had al zorgelijk staan kijken. Het was hem niet bekend of dat kwam vanwege de laatste minuut die was ingegaan voordat de deuren van de trein zich zouden sluiten of dat het kwam dat zij wel op het perron was en hij nog steeds achter de glazen deurtjes stond.

Bij de allereerste halte wist hij het gelijk. Hij was nu wel legaal of illegaal in de trein gekomen maar van het perron af komen zou zeker zo lastig worden. Dezelfde poortjes namelijk dienden ook genomen te worden om van het perron af te komen. Zo zijn dus de conducteuren in dit land wegbezuinigd. Sintra
Het duurde exact drieendertig minuten na vertrek dat hij wederom voor een opgave stond om ook maar het plaatsje Sintra te mogen aanschouwen. Zijn vriendin zou wel even aan iemand vragen of die het hek open kon maken. Ze had per slot nog de rekening dat ze wel degelijk voor twee kaartjes had betaald. Bijna als laatste verliet hij uiteindelijk het perron en kon het aanschouwen van de rustieke omgeving dan eindelijk beginnen.

‘Misschien is een hop-on, hop-off hier wel wat voor ons’ riep hij haar toe nadat ze een plattegrondje bij de locale toeristenbalie had bemachtigd. ‘Tis maar vijftien per persoon.’
Of hij was erg overtuigend in zijn vraag of er was iets anders maar de kaartjes waren gekocht voor hij er erg in had.

‘Tien minuten meneer, dan komt de bus er al aan’ werd hem in zeer gebrekkig engels toegeworpen. Nu had hij de ervaring nog niet maar tien minuten in Portugal is een code om je rustig te houden. Het is een vorm van verwachtingsmanagement waar menig top manager nog een puntje aan kan zuigen. Niet dus. Tien minuten in Potugal staat voor “ik heb geen flauw idee maar ik hoop voor u dat het snel is”. Na zeventien minuten kwam het verlossende woord. De bus was kapot gegaan, kwam ook niet meer maar er was een vervangende in het centrum van het plaatsje op maar tien minuten lopen. Nu was de wandeling aangenaam en niet eens onwelkom. Of het ook tien minuten waren had hij maar niet geklokt.

Het dorpje is prachtig en de weg naar het centrum deed daar niet voor onder. De contouren van enkele van de oude paleizen doemden langzaam op aan de horizon en maakte het geheel erg aangenaam. Eenmaal in het centrum aangekomen was stop nummer 1 snel gevonden. Echter er stond geen bus te wachten zoals nog bij het station was vermeld. Zij konden kiezen uit de blauwe route of de rode. Ze zouden wel zien welke bus het eerste kwam. Gezien er nog geen was, nam hij het ogenblik waar om snel wat plaatjes te schieten van de omgeving. Op nog geen tweehonderd meter van stop 1, lag om de hoek in de volgende straat, bus stop 2. Een snelle blik deed in hem het ergste doen opkomen. Een rij van minstens honderdvijtig mensen ontvouwde zich aan zijn blikveld. Snel keerde hij terug naar halte 1, daar stond zijn vriendin met vijftien anderen.

De blauwe lijn diende zich als eerste aan. Nadat er acht mensen waren uitgestapt konden er ook weer acht in. Zij waren nummer vijf en zes en konden voorin plaatsnemen. De daaropvolgende was een gezin van vier. Met nog twee plaatsen beschikbaar ging dat nooit passen. Met het uitvallen van een bus, een niet geplande wandeling en de enorme lange wachtrij om de hoek was voldoende aanleiding voor een Portugese vader om het niet worden toegelaten met zijn gezin als een rode lap op een stier. Hij en zijn gezin gingen met de bus mee of de bus ging helemaal niet. Om kracht bij te zetten aan zijn woorden blokkeerde hij terstond het trapgat van de opgang van de bus. De chauffeur vertelde eerst vriendelijk en daarna wat grimmiger dat de man de bus moest verlaten omdat hij uiteindelijk als chauffeur verantwoordelijk was en hij staande mensen niet kon vervoeren op deze ‘riskante’ rit. Het duurde dan ook niet lang of een scheldkannonade van de man in het trapgat aan de chauffeur was een feit. Hij had dure kaartjes, moest al lopen van het station en nu geen tour? Voor hem onbespreekbaar. Hij ging mee met vieren of niemand ging tot er een oplossing was of hij zijn geld terug had. Een sitdown actie van zijn kant was een feit.

Nieuwsgierig hadden zijn vriendin de vete zo goed mogelijk proberen te volgen. En zoals zo vaak in deze landen, binnen twee minuten hadden omstanders zich achter een partij geschaard. Maakte niet uit aan welke kant je stond als je maar meedeed aan de discussie. Naast het rode voorhoofd had hij nu ook de figuurlijke rode oortjes nadat hij begreep wat er allemaal geroepen werd. De chauffeur was het zat en stapte aan zijn kant van de bus uit. Acht minuten later arriveerde de politie en praatte de vader in luttele seconden de bus uit. Respect voor gezag was nog een groot goed hier. De tour kon op weg, laten we zeggen met een tien minuten vertraging.

Wil je weten wat er nog meer mis ging die dag, lees dan binnekort Missers II

Een nieuwe lente

image

Een nieuwe lente en een nieuw geluid
Ik wil dat dit lied klinkt als het gefluit
Dat ik vaak hoorde voor een zomernacht,
In een oud stadje, langs de watergracht.

 

 

 

Deze openingsregels komen uit een gedicht van epische lengte genaamd Mei. Het is in 1889 geschreven door Herman Gorter die op 26 november 1864 was geboren in Wormerveer, een plaatsje niet ver van mijn eigen geboorteplaats. De regels zijn inmiddels een staande uitdrukking geworden en doen mij telkens als het voorjaar wordt door mijn hoofd spoken.

Vergeleken met vorig jaar is dit jaar de lente ‘vroeg’ en in al zijn pracht ook bijzonder. Dankzij het rustige weer blijft de bloesem langer aan plant en boom dan gebruikelijk. Het is daarom volop genieten en worden plaatjes als deze al snel op menige camera vastgelegd.

Het voorjaar is ook de tijd van de klassiekers. En dan doel ik natuurlijk op de wielersport. Milaan – San Remo, Vlaanderen’s mooiste en afgelopen weekend natuurlijk de kasseien kraker Parijs – Roubaix. Dit jaar onvergetelijk geworden door een fenominale overwinning van iemand die inmiddels ook in mijn geboortedorp woonachtig is, Assendelft. Nikki Terpstra, een echte zaankanter die van geen ophouden weet en op momenten wanneer het moet net even dat beetje extra kan geven. Het is hem niet alleen gegunt maar het is ook de karaktereigenschap van deze zaanse jongen waardoor hij deze overwinning verdient.


Op het moment dat hij finishte liep ik in klein zwitserland in Luxemburg een ronde die me nog lang zal bijblijven. Het was slechts 9,5 kilometer maar de rotspartijen en de hoogteverschillen maaktte het voor mijn ongetrainde spieren een ware hel. En ondanks dat Nikki wel getraind was moet het voor hem ook op sommige momenten een hel zijn geweest. Kilometers lang een stuur in je handen die niets liever dan aan je grip wil ontsnappen. Een zadel waar elk normaal mens het na vijf minuten op zitten al zat is, je kilometers lang terroriseert met schokken en stoten dat je niet meer weet of je nog wel een achterste hebt.

Nu waren mijn pijnen niet te vergelijken met die van hem maar ik durf wel het doorzettingsvermogen te vergelijken met mijn streekgenoot. Onderweg wilde ik diverse malen opgeven maar de regels ‘een nieuwe lente en een nieuw geluid’ hielpen me door deze beproeving heen. De schoonheid van de rotsachtige omgeving, de rust van het woud en het verliefde gekwetter van alles wat kan vliegen, het was prachtig.